Ontwerp van Interprofessioneel akkoord getekend, maximum 1,1% loonmarge

Onlangs bereikten de sociale partners in de Groep van Tien een akkoord over een ontwerp van interprofessioneel akkoord voor de periode 2017-2018. Momenteel lopen de consultaties binnen de verschillende werkgevers- en werknemersorganisaties met het oog op een eventuele goedkeuring en maakt ook de regering de analyse van het ontwerp-akkoord. In de periode april-mei neemt Contactcentres.be actief deel aan de sectorakkoorden. We geven u alvast een blik op de inhoud van het ontwerp en een kort overzicht van de voornaamste maatregelen die relevant zijn voor werkgevers.

1. Loonnorm

De maximale marge is bepaald op 1,1% voor de periode 2017-2018. Het is nu aan de sectoren, en vervolgens aan de ondernemingen, om de maximale marge te bepalen die op hun niveau van toepassing zal zijn, rekening houdend met de specifieke economische situatie van de sector of de onderneming, het behoud en de creatie van tewerkstelling en de concurrentiekracht van de ondernemingen. De marge gaat dus van 0% tot 1,1%.

Bij de invulling van deze marge moeten de sociale partners rekening houden met de reële kostprijs van alle weerhouden maatregelen.

2. Welvaartsvastheid sociale uitkeringen en sociale bijstand

De sociale partners hebben bij de aanwending van de welvaartsenveloppe voor de periode 2017-2018 (ruim 500 miljoen euro op jaarbasis op kruissnelheid) sterk ingezet op armoedebestrijding, onder meer door de kloof tussen de armoedegrens en de minimumuitkeringen kleiner te maken. Ze hebben er daarbij over gewaakt om geen nieuwe werkloosheids- en inactiviteitsvallen te creëren.

Een deel van de enveloppe voor de werkloosheid wordt toegewezen aan werkende alleenstaande ouders, die het vaak, mede door de vaste kosten die zij alleen moeten dragen, moeilijk hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. De uitkering die zij ontvangen voor thematische verloven voor de zorg voor hun kinderen, wordt daarom met ruim 35% verhoogd. Ook bij het optrekken van de minima en forfaits van de werkloosheidsverzekering in het kader van armoedebestrijding, wordt de klemtoon gelegd op mensen met gezinslast, waaronder de alleenstaande ouders. De focus komt zo te liggen op die groep die het écht nodig heeft. Maatregelen worden getroffen om de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen te bewaren. De bedragen voor de jeugd- en seniorvakantie (opnieuw een uitkering voor ‘werkenden’) wordt verhoogd met 1,5%. De plafonds voor tijdelijke werkloosheid worden met 0,8% opgetrokken, die voor SWT (het vroegere brugpensioen) met 0,5%.

3. (Klassieke) verlengingen en kadercao’s SWT en landingsbanen

Nieuwe cao’s SWT (stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag)
De sociale partners hebben afgesproken om de collectieve arbeidsovereenkomsten van de Nationale Arbeidsraad m.b.t. de stelsels van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT) te hernieuwen.

Via het sluiten van deze nieuwe cao’s zullen alle stelsels van SWT in 2017 en 2018 toegankelijk blijven. In bepaalde gevallen zal evenwel nog een cao op sector- en/of ondernemingsniveau moeten worden gesloten om het recht op SWT te activeren (bv. voor het stelsel zware beroepen en voor de ondernemingen die een erkenning als onderneming in moeilijkheden of herstructurering aanvragen).

In 2017 blijven de leeftijdsvoorwaarden ongewijzigd voor alle individuele stelsels, nl. het algemene stelsel van cao nr. 17, de ‘zware beroepen’, het stelsel lange loopbanen en het SWT voor invaliden en mensen met ernstige lichamelijke letsels. Om met SWT te gaan op basis van cao nr. 17 zal de werknemer – zoals reeds in 2016 het geval was – 62 jaar moeten zijn (bepaalde uitzonderingen blijven van toepassing). Voor de overige stelsels blijft de leeftijdsvoorwaarde 58 jaar in 2017. Op 1 januari 2018 wordt de leeftijd evenwel opgetrokken tot 59 jaar (behalve voor SWT voor invaliden en mensen met ernstige lichamelijke letsels, waarvoor de leeftijd op 58 jaar behouden blijft).

Wat de afwijkende regelingen voor erkende ondernemingen in moeilijkheden of in herstructurering betreft, wordt de leeftijdsvoorwaarde van 55 jaar op 56 jaar gebracht. Die leeftijd moet bereikt zijn bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en tijdens de erkenningsperiode. Bij collectief ontslag moet de werknemer de leeftijdsvoorwaarde reeds vervullen op het moment van aankondiging van het collectief ontslag (de regel blijft ongewijzigd). Een overgangsmaatregel werd voorzien voor werknemers die worden ontslagen in het kader van een collectief ontslag aangekondigd vóór 1 november 2016. Deze werknemers zullen op 55 jaar met SWT kunnen gaan als de onderneming in 2017 een erkenning verkrijgt met een verlaagde toegangsleeftijd van 55 jaar. Op die manier worden de interpretatieproblemen van de bestaande regelgeving voorkomen.

In 2018 komt er geen verhoging van de leeftijdsvoorwaarde voor erkende ondernemingen. Wel wordt de leeftijd vanaf 1 januari 2020 op 60 jaar gebracht in toepassing van de geldende reglementering.

Tot slot verbinden de sociale partners zich ertoe om de berekening van de beroepsloopbaan voor SWT te vereenvoudigen, onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat deze vereenvoudiging niet resulteert in een versoepeling van de toegang tot SWT.

Beschikbaarheid

Inzake beschikbaarheidvoor de arbeidsmarkt voor de SWT-stelsels nachtarbeid, bouwsector PC124, zwaar beroep en lange loopbaan, vragen de sociale partners dat de leeftijd in 2017 op 60 jaar behouden blijft en in 2018 wordt opgetrokken naar 61 jaar. De beroepsloopbaanvereiste wordt opgetrokken van 40 naar 42 jaar vanaf 2017. Voor SWT erkende ondernemingen (in moeilijkheden of in herstructurering) worden de leeftijd en het beroepsverleden voor de beschikbaarheid voor de periode 2017-2018 opgetrokken naar 61 jaar en 39 jaar.

Landingsbaan

Tot slot zijn de sociale partners voor de landingsbanen (vermindering van de arbeidsprestaties tot halftijds of 4/5) overeengekomen om de bestaande afspraken te behouden. Dat betekent dat, naast het algemeen stelsel waarbij het recht op een landingsbaan gekoppeld is aan de leeftijdsvoorwaarde van 60 jaar, de leeftijdsvoorwaarde voor de uitzonderingsstelsels (dit zijn: ondernemingen in moeilijkheden en herstructurering, 35 jaar beroepsverleden, zwaar beroep, nachtarbeid en arbeidsongeschiktheid bouw) voor de periode 2017-2018 op 55 jaar behouden blijft. Anders dan voor het stelsel van SWT blijven oudere werknemers met een landingsbaan actief op de arbeidsmarkt en maakt het aangepaste arbeidstempo het mogelijk om nog gedurende een langere periode aan het werk te blijven. In de Nationale Arbeidsraad zal een nieuwe kader-cao voor een periode van 2 jaar worden gesloten, die aan sectoren de mogelijkheid biedt om al dan niet in dit uitzo nderingsstelsel te stappen.

4. Maatschappelijke uitdagingen

De sociale partners kijken ook naar de toekomst en de langere termijn. Ze wensen in de periode 2017-2018 samen een aantal belangrijke maatschappelijke uitdagingen aan te pakken.

Zo willen zij onder meer:

– de problematiek van burn-out, waarmee zowel werknemers, werkgevers als ondernemers geconfronteerd worden, verder bespreekbaar maken, duiden en oplossingen aandragen;

– werk maken van een toekomstgerichte arbeidsorganisatie die tegemoet komt aan de behoeften van werkgevers én werknemers, o.m. door het stimuleren van proefprojecten;

– de fenomenen van de digitalisering en de deeleconomie optimaal laten bijdragen tot meer groei, werkgelegenheid, ondernemerschap en duurzame sociale bescherming door de opportuniteiten die zij bieden te versterken en de eventuele gevaren of ongewenste effecten op te vangen;

– bijdragen aan een duurzaam mobiliteitsbeleid, door een gezamenlijk voorstel uit te werken rond het mobiliteitsbudget;

– op zeer korte termijn een structurele oplossing bieden voor de sectoren waarin de geharmoniseerde opzeggingsregeling en de afschaffing van de proefperiode een bijzondere impact hebben;

– bekijken welke verdere stappen kunnen worden gezet in het dossier arbeiders-bedienden en in de hervorming van het paritair landschap op sectoraal en ondernemingsniveau.

Andere thema’s die ze willen bespreken, zijn de vereenvoudiging, de jongerentewerkstelling (sinds jaar en dag een belangrijk actiepunt van het VBO via ons initiatief ‘Young Talent in Action’), en een grondige bespreking van de problematiek van herstructureringen in haar geheel.

Bedoeling is dat de sociale partners na de goedkeuring en ondertekening van het interprofessioneel akkoord snel de werkzaamheden rond deze ankerpunten zullen organiseren. Eind 2017 zullen zij de vooruitgang van de verschillende punten evalueren.

—-

Dit ontwerp-akkoord moet een duidelijk kader bieden voor de sectorale en ondernemingsonderhandelingen die zullen volgen. De sociale partners beschouwen het als een belangrijk element dat moet leiden tot competitiviteit, groei en werkgelegenheid, evenals tot sereniteit en sociale rust in de sectoren en de bedrijven. Zij vragen daarom dat de regering het ontwerp-akkoord mee zou onderschrijven door er uitvoering aan te geven.

/ Uncategorized

Share the Post

About the Author

Comments

No comment yet.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *